Brandwonden
Terug naar 'gezondheid en milieu'
| Eerste hulp bij brandwonden
Met de juiste eerste hulp bij brandwonden kunt u levens redden en onnodige pijn en problemen voorkomen. Het belangrijkste is dat u de brandwond koelt met lauw zachtstromend leidingwater. Bij (kleine) kinderen is het belangrijk dat u de wond koelt en niet het hele lichaam van het kind. Onderkoeling is levensgevaarlijk. Neem bij twijfel over de juiste eerste hulp altijd contact op met een arts of bel de hulpdiensten. Is er sprake van verbranding door vuur: Ga nooit rennen. Zuurstof wakkert de vlammen aan. Probeer niet in paniek te raken. Doof de vlammen door over de grond te rollen. Gebruik eventueel een stevig en zwaar stuk textiel, een jas of een grote (blus)deken) om het vuur te doven. Werk vanaf het gezicht naar de voeten, zodat vlammen het gezicht niet kunnen bereiken. Daarna geldt voor alle verbrandingen: Begin direct met het koelen van de wond Koel het liefst met zacht stromend, lauw leidingwater. Koelen met bijvoorbeeld slootwater kan ook, zeker als er geen andere koelmogelijkheden zijn. Het is altijd beter dan niets doen!) Koel +/- 10 minuten. Maar let vooral bij kinderen en ouderen op voor het gevaar van onderkoeling Verwijder tijdens het koelen de kleding, tenzij deze aan de huid gekleefd zit Verwijder luiers altijd bij een hete vloeistofverbranding. Een luier zal hete vloeistof opnemen en ernstige wonden kunnen veroorzaken. Waarschuw de huisarts als: er blaren zijn de huid er aangetast uitziet de brandwond veroorzaakt is door een chemisch product de brandwond veroorzaakt is door elektriciteit Smeer niets op de wond. Verzorg de wond door deze af te dekken met steriel verband, schone doeken of lakens. Neem niets te eten of te drinken. Zorg ervoor dat het slachtoffer zittend wordt vervoerd. Het hoofd moet altijd hoger zijn dan de rest van het lichaam in verband met mogelijke oedeemvorming (vochtophoping). Brandwonden Verbrandingen ontstaan door invloed van hitte op de huid gedurende een bepaalde tijd en boven een bepaalde kritische temperatuur. Boven deze kritische temperatuur (+/- 40° C) treedt beschadiging van de huid op. De diepte van de brandwond hangt af van: de temperatuur de tijd dat de hitte inwerkt op de huid de oorzaak van de verbranding (bijvoorbeeld hete vloeistof, vuur). Afhankelijk van de diepte van de brandwond spreken we van Eerstegraads verbranding Oppervlakkige tweedegraads brandwond Diepe tweedegraads brandwond Derdegraads brandwond Eerstegraads verbranding Bij een eerstegraads verbranding is de (opper)huid nog niet beschadigd. Bij een eerstegraads verbranding is de huid: rood droog pijnlijk soms wat opgezwollen. Deze verschijnselen zijn het beste te vergelijken met die van een ontsteking. Een typisch voorbeeld van een eerstegraads verbranding is een zonverbranding. Na een paar dagen zijn de onaangename verschijnselen van een eerstegraads verbranding verdwenen. Oppervlakkige tweedegraads brandwond De doorsnede van de huid maakt duidelijk dat de huid beschadigd is. Het gaat hier om een oppervlakkige tweedegraads brandwond. Bij een oppervlakkige tweedegraads brandwond is de wond: rood nat pijnlijk Bovendien kan er blaarvorming optreden. Diepe tweedegraads brandwond Bij een diepe tweedegraads brandwond is de lederhuid duidelijk aangetast. De hitte heeft langer kunnen doordringen in het huidweefsel. Bij een diep tweedegraads brandwond is er duidelijk sprake van een wond. De wond is: roodachtig / wit nat zeer pijnlijk. Derdegraads brandwond Bij een derdegraads brandwond is de huid verwoest tot aan het onderhuids vetweefsel. De huid ziet er aangetast uit. Bij een derdegraads brandwond is de wond: wit / zwart droog en leerachtig nauwelijks pijnlijk (bij diepe brandwonden zijn ook de zenuwen in de huid aangetast) |
Terug naar 'gezondheid en milieu'

